BLOG: Nederlandse darters redden voetballoze kerstvakantie

29 december 2015

Pro Shots

Als de laatste wedstrijd van het jaar in de Eredivisie is gespeeld, het laatste doelpunt van 2015 is gevallen en je club voor de laatste keer van het jaar gewonnen of verloren heeft, voel je je altijd een beetje leeg. Je denkt die leegte te vullen met een groot Kerstmaal, maar het werkt niet.

Gourmetten, kalkoen of Flappie. Het maakt niet uit wat er op je bord belandt: je blijft die leegte voelen. Een leegte die op Boxing Day in Engeland voor een klein beetje gevuld wordt, maar niet opweegt tegen het kijken naar jouw eigen club.

Op Oudjaarsdag probeer je oliebollen. Zonder krenten vullen ze niet, met krenten ook niet. Een laag poedersuiker er overheen ook niet. Je blijft de leegte houden. Gelukkig is de oplossing dichterbij dan je denkt. Je pakt je afstandsbediening en zet de tv aan. Het WK Darts is bezig. En het is een prachtig schouwspel.

Wat dacht je van Vincent van der Voort? Stond met 0-2 achter tegen Kyle Anderson en won alsnog met 4-2. Een betere counter dan PSV ze ooit zal maken. Of de 2 grote mannen, dinsdagavond tegenover elkaar in Alexandra Palace: Michael van Gerwen - Raymond van Barneveld. Een spannendere strijd dan het gelijkspel tussen Feyenoord en Ajax.

De grootheid van de Nederlanders in de dartwereld maakt de sport nog wat mooier. 'We' begonnen met evenveel Nederlanders aan het WK als PSV spelers mocht opstellen in de Champions League (11 dus). En er worden meer punten gegooid in een beurt dan Manchester United in één seizoen kan halen. Maar, dat is logisch.

Blij horen we te zijn dat in tijd van de winterstop, een tijd waarin Nederland is afgezakt tot Europese middelmaat, onze darters opstaan. Waar de 'gebruikelijke' helden blijven struikelen, mikken de darters alle pijlen in de triple 20. Dat kleine, rode vakje in het midden van de 20. Een stuk kleiner dan een normaal voetbaldoel, die het Nederlands elftal de hele EK-reeks slechts 17 keer wist te vinden.

Van Gerwen gooit op een goede dag 17 keer 180. Maar dat terzijde.

Door: Brian Vesseur