‘Door de lockdown is er nog nooit zo weinig gesport in Nederland’

20 mei 2021

ANP
Mensen trainen in de sportschool.

Zelden of nooit is in 'Sportland Nederland' zo weinig gesport als in 2020. Dat blijkt uit het in opdracht van NOC*NSF uitgevoerde onderzoek Zo Sport Nederland, naar trends en ontwikkelingen in sportdeelname. Voorzitter Anneke van Zanen-Nieberg van de sportkoepel noemt de uitkomst 'dramatisch'.


"Bij elke verzwaring van de maatregelen tegen corona zagen we een kentering." Het betrof met name kinderen.

Focus op sport
"Eens te meer is duidelijk wat voor een belangrijke rol sportclubs en verenigingen spelen in Nederland, zowel sportief als maatschappelijk gezien", zegt Van Zanen. "Zonder het ritme, de begeleiding en de gezelligheid van onze clubs, sporten we een stuk minder." Haar advies aan de overheid: "Om ervoor te zorgen dat we Nederland met de kracht van sport weer sterk en vitaal maken, zou het erg goed zijn als de sport snel weer volledig open kan."

Nieuwe crisis?
Eerder al liet Van Zanen weten na de coronacrisis een volgende crisis te vrezen, een gezondheidscrisis als gevolg van massaal minder bewegen en toenemend (over)gewicht. Ze zei toen ook een enorme 'hardnekkigheid' bij de overheid te bespeuren waar het gaat om versoepeling in de sport. "Eerst moet kennelijk het virus het land uit, dan mogen we weer sporten."

Van de Nederlanders ging 52 procent minder sporten of stopte als gevolg van de lockdown, zo komt naar voren uit het onderzoek. De impact is het grootst bij kinderen van 5 tot en met 18 jaar. 52 procent van deze groep is minder gaan sporten en 10 procent is gestopt. In totaal is 62 procent van de kinderen minder gaan sporten of helemaal gestopt, waarbij de grootste klappen bij de binnensporten vielen. Die waren lange tijd geheel verboden. Bij de 65-plussers valt vooral het grote aandeel stoppers op, 31 procent.

Volgens de onderzoekers is er een vrij directe relatie tussen de 2 lockdowns en de wekelijkse sportdeelname van Nederlanders. Tijdens iedere lockdown daalt de sportdeelname. Iedere versoepeling voor de sport zorgt voor een stijging van de wekelijkse sportdeelname van Nederlanders.

Motivatie
9 procent van de Nederlanders, ofwel 1,4 miljoen mensen, heeft aangegeven het oude sportgedrag na de lockdown niet op te pakken. 45 procent staat er neutraal in of weet het nog niet. Voor 52 procent van de Nederlanders, die als gevolg van de coronacrisis minder is gaan sporten of is gestopt, is de sluiting van de sportclub daarvoor de hoofdreden. Daarnaast zijn gebrek aan motivatie en het niet kunnen sporten in teamverband belangrijke redenen om minder te gaan sporten.

Ook bleek dat de afname van sportdeelname sterker is onder mensen met een lager opleidingsniveau en inkomen. Sportvisserij Nederland, inmiddels na de KNVB de grootste bond, kreeg daarentegen de meeste nieuwe leden, met een plus van 80.000. Ook de golffederatie en de hockeybond zagen een stijging. De sporters in de rapportage zijn gemeten door middel van de NOC*NSF Sportdeelname Index (SDI). Sinds 2013 wordt de sportdeelname maandelijks gemeten onder Nederlanders van 5 tot en met 80 jaar. De SDI is gebaseerd op de Richtlijnen voor Sportdeelname Onderzoek (RSO).