Verstappen reageerde dolblij nadat-ie hoorde van deal met Honda: ‘Dat hadden we echt nodig’

16 augustus 2019

AFP

Wie bij de fabriek van Red Bull naar binnen loopt, merkt gelijk dat iedereen goed in zijn vel zit. Het seizoen begon nog wat terughoudend voor de renstal van Max Verstappen, maar inmiddels loopt het allemaal op rolletjes - op de kwestie Pierre Gasly na dan, die vervangen werd door Alex Albon. Hoe dat komt? Simpel: door de komst van Honda.


In de voorgaande jaren ploeterde Red Bull maar wat heen met een Renault-motor. Dikwijls was Verstappen dan ook niet te spreken over de Franse krachtbron. Genoeg, riep Red Bull. En ze schakelden over naar Honda, waar het kleine broertje Toro Rosso al over beschikte.

Blije Verstappen
Tijdens de Grand Prix van Frankrijk vorig jaar maakte Red Bull bekend over te stappen van motorleverancier. "Ik wist dat het eraan zat te komen", citeert Formule 1.nl de Nederlander uit een pr-video van Honda. "Ik was meteen enthousiast. Het was een nieuwe uitdaging voor het team, een nieuwe motivatie. Dat hadden we echt nodig. Ik keek er gewoon naar uit om samen te werken, omdat er veel potentie en er geen limiet was. Het zijn winnaars, ze willen echt winnen. Dat is uiteindelijk hoe je succesvol wordt."

Verstappen ging voor de aankondiging al eens langs bij de fabriek van Honda. "Ik was echt onder de indruk. Ik was verrast dat ze toentertijd nog niet konden winnen. Ze hebben alles, de faciliteiten zijn er. Er zijn wat nieuwe gezichten die je moet leren kennen, maar het ging vrij gemakkelijk. De communicatie verliep vanaf het begin af aan al fantastisch."

Deze was voor Honda
In Oostenrijk boekte Red Bull de 1ste zege van het seizoen nadat Verstappen na een machtige race uiteindelijk Charles Leclerc versloeg. Verstappen wees naar het Honda logo op zijn borst en popte champagne met Toyoharu Tanabe, technisch directeur van de renstal. "Hij genoot er echt van", blikte Verstappen terug op die memorabele dag.

"Wat ik vooral zo mooi vind aan Honda, is dat ze zo gefocust zijn. Ze weten wat ze moeten doen, ze praten weinig. Ze zijn zo toegewijd aan hun werk. Het is indrukwekkend, en ik denk dat Europeanen daarvan kunnen leren."