Wie is de Utrechtse Glory 65-hoofdattractie Jason ‘Psycho’ Wilnis?

3 april 2019

Hij zal dé hoofdattractie zijn van Glory 65. De thuisvechter in de Central Studios in Utrecht. Voor zijn eigen publiek wil Jason Wilnis op vrijdag 17 mei wereldkampioen kickboksen worden.


Wie is Jason Wilnis?
Jason Wilnis is een jongen van de stad. De 'Psycho' komt uit de bekende Kanaalstraat in Lombok. Een multiculturele wijk in Utrecht, met op iedere hoek wel een shoarmazaak of een groenteboer. Jason Wilnis is de 5 jaar jongere broer van Jahfarr Wilnis, die voor het grote publiek bekend werd door deze enge KO.

Jason en Jahfarr waren jongens van de straat. Vechtersbaasjes. Jason moest zelfs naar een school voor moeilijk opvoedbare kinderen. Door zijn moeder werd Jason op turnen gezet. ,,Daar leerde ik discipline: op tijd komen en niet slaan", zei Wilnis in 2016 tegen het Utrechts Nieuwsblad. Via atletiek en voetbal maakte hij de overstap naar de kickboksschool The Colloseum in Lombok.
Dit bericht bekijken op Instagram

That feeling 🖤 #🦍

Een bericht gedeeld door jason psycho wilnis (@jasonwilnis) op

,,Gewoon om even te trainen", zei Wilnis ooit tegen RTV Utrecht. Maar Wilnis bleef. Knokte. En haalde de top. Jason Wilnis werd wereldkampioen in het middengewicht van Glory, maar raakte de titel kwijt. Nu wil hij 'm afpakken van Alex Pereira.

Wat zijn de kwaliteiten van Jason Wilnis?
Wilnis is met zijn 1,85 meter razendsnel en probeert zijn tegenstanders op die manier ook te verrassen. Met zijn beruchte Low Kicks wil hij zijn tegenstanders vanaf de eerste seconde onder drukt te zetten en te houden. Wilnis is rap, lichtvoetig en agressief.
Waarom heeft Jason Wilnis de bijnaam 'Psycho’?
Wilnis vindt zichzelf een hele nette jongen buiten de ring, maar daarbinnen verandert hij in een beest. Zelf omschreef hij het tegenover Vice Sports ooit als volgt: ‘Als de bel gaat zie je een andere kant. In de ring staan geeft mij een sterk en buitenaards gevoel dat ik niet kan beschrijven. Dat moet je moet meemaken om te begrijpen. Daar mag je gek zijn. De bijnaam past bij me.’