Ard van Peppen en Robert Maaskant over de ziek spannende nacompetitie: ‘Ontlading na een succesvolle reeks is het mooist’

13 mei 2022

ANP
feest-na-promotie-roda-jc-ten-koste-van-nac

Het is mei, het einde van de competitie nadert en het bier rijkt vloeiender op de zonovergoten tribunes. Even rustig de competitie uitspelen, voor velen. Maar voor een stuk of 7 ploegen begint dan het seizoen pas. Een strijd om leven of dood. De nacompetitie. 6 clubs dromen van promotie, 1 club is angstig voor degradatie. Uiteindelijk speelt er maar 1 ploeg volgend seizoen in de Eredivisie. Sportnieuws.nl sprak met oud-Roda JC-speler Ard van Peppen en oud-NAC-trainer Robert Maaskant over die bijzondere nacompetitie.


Door Rick Kraaijeveld

De eerste ballen zijn ondertussen alweer gaan rollen in de play-offs voor Eredivisievoetbal. De 1e ronde is van start gegaan, wat betekent dat de 1e supporters alweer slapeloze nachten hebben. Ditmaal die van De Graafschap, FC Eindhoven, Roda JC, NAC, Excelsior en ADO. Zowel Van Peppen als Maaskant heeft een verleden bij clubs uit dit rijtje. Ard van Peppen speelde nacompetitie met Excelsior en Roda. Met laatstgenoemde club speelde hij tegen de trainer in dit verhaal: Robert Maaskant. Hij is coach geweest bij NAC, ook tijdens de nacompetitie.

Wanneer beide heren aan de nacompetitie denken, komt als 1e het feest op dat ze daarin hebben meegemaakt. "Dat is toch het allermooiste van de nacompetitie. De ontlading na een succesvolle reeks. Waarin je promotie of lijfsbehoud veiligstelt", vertelt Van Peppen. Dit kan Maaskant alleen maar beamen, maar die vindt in sommige situaties het behalen van de nacompetitie op zich al een feest. "Als je als verrassende club de nacompetitie haalt en zonder enige druk kan spelen, dan is dat al een feest. Bij RBC had ik dat, in 1999-2000. Toen promoveerden we uiteindelijk ook, dan heb je echt een knaller van een feest."

Momentum is alles in de nacompetitie
Maar het kan ook heel anders zijn. De nacompetitie kan ook een ongekende druk met zich meebrengen, zeker als je voor lijfsbehoud vecht, of als je nipt de directe promotie hebt misgelopen. Dan moet je nog even aan de bak, tegen die vrij spelende teams. Dat is een lastige opgave waar je zelf echt sterk in moet zijn, vindt Van Peppen. “Als je voor handhaving moet spelen, dan is het echt overleven. Angst regeert wat dat betreft, maar daar moet je mee omgaan. Je probeert het weg te zetten en dat lukt ook wel zolang jij jezelf ervan overtuigt dat je beter bent dan je tegenstander.”

Maaskant vond die druk als trainer juist leuk: "Ik was bij deze wedstrijden op mijn scherpst." Wel merkte hij verschil bij NAC, toen hij voor lijfsbehoud moest spelen. “Je gaat dan al weken van tevoren de tegenstanders analyseren. Het moeilijke is dat je de mindere ploeg bent in de competitie, maar dan in de nacompetitie word je ineens de favoriet. Dat is lastig, want je hebt een heel jaar verdedigend gespeeld. Dan is de vraag: ga je daar van afwijken of blijf je dezelfde speelstijl hanteren?” Maaskant heeft daar zelf ook geen panklaar antwoord voor. "Het verschilt per nacompetitie, de ene keer stemde ik af op de analyse van de tegenstander. De andere keer ging ik uit van onze eigen kracht. Er is niet 1 antwoord."
roda-jc-steuntje-in-de-rug-nac

Trainer vs. speler
Dat is het lastige van de situatie van een trainer en speler volgens Maaskant. "Als speler ben je onbevangen, je moet er alleen voor zorgen dat je topfit bent en je ding doen. Als trainer heb je meerdere belangen: je moet de keuzes voor je ploeg maken, tegenstanders analyseren en je draagt verantwoordelijkheid voor heel de club. Ook mensen op kantoor. Daarbuiten ben je niet alleen trainer, maar ook mentale coach. Je probeert druk weg te halen bij spelers."

Die druk is belangrijk om weg te halen, legt Van Peppen uit. "Tuurlijk, er zit ongelofelijke druk op een spelersgroep als je doelstelling promoveren of lijfsbehoud is. Een trainer is in het dealen daarmee wel leidend. Ik moet zeggen dat mijn ervaring is, dat een spelersgroep in tijden van nacompetitie juist dichter bij elkaar kwam. Je moet op de top van je kunnen strijden voor lijfsbehoud."
robert-maaskant-rbc-roosendaal

Het publiek
Die spanning kan bij het publiek vaak niet zo makkelijk van de schouders glijden. Het publiek van clubs in de nacompetitie zijn bijna altijd 2 weken lang in alle staten. Zij spelen ook een grote rol in het hele circus. Erop of eronder, met die mentaliteit kan je je ploeg aardig opzwepen als publiek zijnde. Van Peppen schetst de rol van het publiek zeer treffend: "Met Roda verloren wij in het seizoen 2014-2015 in de finaleronde thuis de 1e wedstrijd met 1-0 van NAC. We gaven die wedstrijd wel alles, waardoor het een enorm spannende pot was. Het publiek zag dat we alles hadden gegeven en gaf ons – na een verloren wedstrijd – een staande ovatie. Dat was voor ons een steuntje in de rug om 2 dagen later nogmaals keihard te vlammen."

En vlammen, dat deden ze. In een knotsgekke wedstrijd in Breda won Roda uiteindelijk met 1-2, wat genoeg was voor promotie. Tegen het NAC van Maaskant. "Die wedstrijd was wel pijnlijk, ik vind het jammer dat mijn 2e periode bij NAC minder succesvol was dan mijn 1e periode waarin we Europees voetbal haalden. Maar ook na de degradatie bleek NAC een fantastische support te hebben. Een dag na de degradatie stonden er tientallen mensen voor mijn huis om mij te bedanken en een hart onder de riem te steken", blikt Maaskant terug.
Opstaan na ellende
Terug naar de feestvreugde van Van Peppen: “We kregen die extra paar procentjes van het publiek die middag. Het was een wedstrijd waarin van alles gebeurde, het publiek was niet meer te houden en dat zag je ook op het veld. Wij kwamen voor, kregen rood en hadden het toen lastig. NAC maakte nog gelijk in de verlenging, waardoor zij door zouden gaan. Maar uiteindelijk scoorden wij vlak voor de tijd de 1-2. Dat moment is onbeschrijfelijk.” Van Peppen legt uit dat deze finale een bijzondere lading had, omdat hij de ellende van ervoor bij de club had meegemaakt. Hij wist wat het betekende voor de club.
Verrassing is de charme
Zo’n verrassing, dat heeft Maaskant dus zelf ook een keer geflikt met RBC Roosendaal. In het seizoen 1999-2000 ging RBC pardoes de Eredivisie in. Dit zorgde voor een groot feest in Roosendaal, waar Maaskant nog warme gevoelens aan over heeft gehouden. Althans, uiteindelijk wel. “Omdat we gepromoveerd waren zouden we met staf en selectie op de platte kar van het stadion naar het centrum gaan. Maar toen we de kar opgingen bij het stadion, was er vrijwel niemand. 5 man langs de kant, als het er niet minder waren. Hoe dichterbij het centrum, hoe meer mensen er langs de kant naar ons toe kwamen. Nog steeds was het een bedaarde sfeer, maar eenmaal de hoek om naar het centrumplein stonden daar 10.000 man ons op te wachten. Dat was echt prachtig om te zien.”

Maaskant vindt juist die verrassingen de grootste charme van de nacompetitie. “Het is niet dat altijd de beste ploeg wint, en dat is juist zo mooi. Je kan 8e eindigen in de Keuken Kampioen Divisie en dan alsnog voor promotie gaan. Je doet ineens weer helemaal mee en vaak staan er nog bijzondere spelers op ook. Die eerder in het seizoen minder speeltijd hadden. Dat vind ik ook een charme.”

De allergrootste tip die beide heren willen meegeven is totale onverschrokkenheid laten zien. “Zorg ervoor dat je onoverwinnelijkheid creëert bij iedereen in het team. Alle neuzen dezelfde kant op en vertrouw op elkaar. Dan krijg je iedereen mee: je teamgenoten en het publiek”, zegt Van Peppen.
Rick Kraaijeveld
Rick Kraaijeveld is een journalist die zich bezig houdt met sport, cultuur en maatschappij. Hij wil het liefst deze 3 facetten combineren en heeft een voorliefde voor Italië en daarbij dus Italiaans voetbal. Verder vergaande interesse voetbal, schaatsen, darts en wielrennen.