Renate Wennemars (vrouw schaatsicoon Erben) walgt van oudemensenkwaal: 'De geur van privé'

Redactie Sportnieuws.nl • 22 oktober 2026 om 16:21
Volg Sportnieuws.nl op Google DiscoverStel Sportnieuws.nl als voorkeursbron in op Google
Renate Wennemars (vrouw schaatsicoon Erben) walgt van oudemensenkwaal: 'De geur van privé'
i

Renate Wennemars (links) met haar man; schaatsicoon Erben Wennemars. ©NL Beeld / Heukers Media

Volg Sportnieuws.nl op Google DiscoverStel Sportnieuws.nl als voorkeursbron in op Google
Redactie Sportnieuws.nl • 22 oktober 2026 om 16:21

Renate Wennemars is de vijftig inmiddels ruim gepasseerd en merkt dat ze sindsdien wat 'oudemensenkwaaltjes' ontwikkelt. De vrouw van schaatsicoon Erben Wennemars doet haar best om zo lang mogelijk 'jong' te blijven, maar merkt aan familie en vrienden dat zij dat wellicht minder doen. Vooral de geurtjes die mensen op leeftijd ontwikkelen, gaan haar steeds meer tegen staan.

'Gaan we naar oude mensen ruiken nadat we de 50 zijn gepasseerd?', stelt Renate Wennemars (54) zichzelf de vraag in haar column in de regionale krant De Stentor. 'Het zou me ergens niet verbazen. We hebben het niet voor niets weleens over een ‘oudemensengeur’. En nu zit ik dus blijkbaar in die categorie. Sinds het mij opvalt bij anderen, ben ik extra hard mijn best aan het doen met wassen. Ik was me nu ook bewust met zeep achter mijn oren. Bij elke douchebeurt - en dat is twee keer per dag. Daarna spuit ik ook nog een licht geurtje in die richting.'

Het valt haar op bij de ontmoeting met anderen, dat die vaak nog niet bezig zijn met hoe ze ruiken. Bij knuffels met familieleden of vrienden van haar leeftijd en ouder, ruikt ze regelmatig die typische geur. 'Bij een knuffel zit je heel dicht bij andermans haar en hoofdhuid. Bij het plekje achter de oren. En daar hangt hij, die geur. Niet bij iedereen, uiteraard, maar ik bespeur hem steeds vaker.'

'De geur van privé'

Het doet haar denken aan de geur van haar kinderen Joep en Niels als ze vroeger griep hadden. 'Dan steeg hun unieke mensengeur op vanaf die oververhitte kruintjes. Dat vond ik nog wel lekker ook; het waren tenslotte mijn eigen bloedjes. Maar wanneer ik ongevraagd geconfronteerd word met de talggeur van anderen, voelt dat alsof ik iets intiems heb gezien. Het is veel te persoonlijk. Net als dat ik liefst niet in andermans slaapkamer kom. Daar hangt die geur ook vaak. De geur van slapende mensen. Van stinkadem. Van nachtzweet en huidschilfers. Van privé.'

Ze zegt het nooit tegen de ander als ze hen ruikt - 'want stel je voor!' - en zegt dat ze er maar aan moet wennen.