Hij geldt als een van de beste verdedigers die Oranje ooit heeft voortgebracht en is al jaren de onbetwiste aanvoerder. Tegen Servië voegt Virgil van Dijk zich in Eindhoven bij de club van honderd, als elfde Oranje-international ooit. Een mijlpaal in een interlandloopbaan vol diepe dalen en onvergetelijke momenten.
Op de tribune van het Philips Stadion zitten zijn vrouw, kinderen en moeder om dit bijzondere moment bij te wonen. Met zijn interland tegen Servië treedt Van Dijk in de voetsporen van grote namen als Edwin van der Sar, Frank de Boer, Giovanni van Bronckhorst, Phillip Cocu, Rafael van der Vaart, Wesley Sneijder, Dirk Kuijt, Robin van Persie, Daley Blind en Memphis. In zijn honderd interlands speelde hij drie eindtoernooien en droeg hij 84 keer de aanvoerdersband. Voor aanvang van zijn jubileumduel staat de teller op veertien doelpunten.
Van debuut op late leeftijd tot onbetwiste leider
Dat hij ooit in dit rijtje zou belanden, leek lange tijd onwaarschijnlijk. Louis van Gaal had de verdediger niet nodig voor het WK van 2014 en ook Guus Hiddink liet hem links liggen. Pas in oktober 2015 debuteerde hij op 24-jarige leeftijd onder Danny Blind in Kazachstan (1-2). Dat was midden in een donkere periode waarin Oranje het EK van 2016 en het WK van 2018 miste. Ronald Koeman zag al snel een leider in hem en gaf hem in maart 2018, na zestien interlands, de aanvoerdersband. Met Van Dijk als boegbeeld krabbelde Oranje overeind. In de Nations League maakte hij zelf de openingstreffer bij de 3-0 tegen Duitsland, en een maand later bezorgde hij Oranje met zijn late volley in Gelsenkirchen een plek bij de laatste vier.
Een botsing met Everton-doelman Jordan Pickford in oktober 2020 zette zijn opmars bij Oranje stil. Van Dijk liep een zware knieblessure op en moest het EK van 2021 aan zich voorbij laten gaan. Op het WK van 2022 was hij terug en zorgde hij met zijn bodycheck op de Argentijn Leandro Paredes voor een beeld dat nog altijd op het netvlies staat bij menig Nederlander. Diezelfde kwartfinale eindigde in mineur: Van Dijk miste de eerste strafschop in de beslissende serie en Oranje lag eruit. Marco van Basten verweet hem tijdens dat toernooi bovendien geen leider te zijn: "Hij praat veel, maar zegt niets."
Teleurstellend WK en nieuwe start onder Xavi
In 2023 schoot hij Oranje zo goed als naar het EK, met een benutte strafschop vlak voor tijd in Athene tegen Griekenland (0-1). Op dat toernooi bleef de finale net buiten bereik: in een teleurstellende halve finale ging Oranje in de slotfase onderuit tegen Engeland (2-1). Van Dijk kreeg kritiek op zijn spel en twijfelde aan een vervolg, tot Koeman naar Liverpool afreisde om hem over te halen. De aanvoerder besloot door te gaan en mikte op een nieuwe kans op het WK van 2026. Onderweg daarheen nam hij vorig jaar ook het aanvoerdersrecord van Frank de Boer over.
Het WK van afgelopen zomer liep uit op een domper. In de zestiende finale tegen Marokko koos Koeman voor vijf verdedigers, een verdedigende speelwijze die bij voetballend Nederland in het verkeerde keelgat schoot. In blessuretijd won Issa Diop een luchtduel van Van Dijk en kopte hij de 1-1 binnen, waarna Oranje na strafschoppen werd uitgeschakeld. Van Dijk stond na afloop achter het strijdplan, wat de kritiek alleen maar verder aanwakkerde. Telegraaf-journalist Valentijn Driessen ging nog een stap verder: volgens hem had de aanvoerder zelf aangestuurd op de vijfmansverdediging, en hadden hij en Koeman verraden waar het Nederlands elftal voor staat.
Na de pijnlijke uitschakeling twijfelde Van Dijk aan een vervolg in Oranje. Koeman vertrok, Xavi Hernandez kwam en na gesprekken met de nieuwe bondscoach besloot de aanvoerder toch door te gaan. Tegen Griekenland liet hij vervolgens zien nog altijd van grote waarde te zijn, met een doelpunt in de knappe comeback naar 2-2. Tegen Servië kan hij daar nog een schepje bovenop doen. Met één treffer passeert hij Koeman als meest scorende verdediger ooit van Oranje.
)
)
)
)