De wegwedstrijd bij de vrouwen op de WK wielrennen werd zaterdag ontsierd door een grote valpartij. Daarbij liepen veel toprensters verwondingen op. De Zweedse Caroline Andersson moest met een nekbrace worden afgevoerd naar het ziekenhuis.
Het was een akelig beeld op zo'n 90 kilometer voor de finish. Veel rensters raakten betrokken bij een grote valpartij. Namens Nederland liep Femke de Vries daardoor een achterstand op, maar ze kon door. Vuelta-winnares Paula Blasi stapte af. Titelverdedigster Magdeleine Vallières is met nog zo'n 70 kilometer te gaan, afgestapt. Ze liep een forse schaafwond op bij de valpartij. Vlak voor haar hield ook vicewereldkampioene Niamh Fisher-Black uit Nieuw-Zeeland het voor gezien in Montreal.
Andersson met nekbrace afgevoerd
Andersson was er het slechts aan toe. Zij bleef roerloos liggen en moest per ambulance worden afgevoerd. Ze kreeg een nekbrace en medische zorg op de plek van het incident. Over de ernst van de verwondingen is nog niet veel bekend.
Kort na de val werd wel gemeld dat Andersson in het ziekenhuis bij bewustzijn is. Ze kan haar armen en benen bewegen. Het is nog onduidelijk of ze hersenletsel heeft opgelopen bij de val. "Ze zijn onderzoeken aan het uitvoeren", zegt Thomas Backteman, voorzitter van de Zweedse wielerfederatie, bij Eurosport.
De valpartij was vrij vooraan in het peloton op een snelle strook richting de finish. Er waren toen nog zeven rondes over het circuit van 13 kilometer te gaan. De meeste Nederlandse rensters bleven overeind.
Demi Vollering
De Vries kon ook weer terugkeren bij het peloton. De Nederlandse ploeg doet er alles aan om topfavoriete Demi Vollering aan haar eerste regenboogtrui te helpen. Na winst in de Giro en de Tour ontbreekt alleen de wereldtitel nog in haar droomseizoen. De laatste Nederlandse wereldkampioene op de weg was Annemiek van Vleuten in 2022. Vollering kan zaterdag in haar voetsporen treden.
)