Rafael van der Vaart vormde donderdag voor het eerst samen met Ronald de Boer het analistenduo voor de NOS bij het Nederlands elftal. De twee oud-topspelers genieten nog altijd om het spelletje te bekijken, al geldt dat niet voor elke tak van de sport. Over de staat van het vrouwenvoetbal zijn ze nog altijd erg kritisch. Vooral één soort speler moet het flink ontgelden.
De twee voormalig Oranje-internationals vormen een duo, nadat Van der Vaart's oude kompaan Pierre van Hooijdonk er na jaren de brui aangaf. Samen met Ronald de Boer kijkt hij maar wat graag naar voetbal, maar als de kwaliteit van het vrouwenvoetbal ter sprake komt, zijn ze allebei nog altijd erg kritisch.
'Niet goed genoeg'
"Het gaat wel een stukje beter nu moet ik zeggen. Maar het kan altijd een beetje meer", begint Van der Vaart in de talkshow Aan tafel bij Renze. Op dat moment zijn er net beelden getoond van vrouwenvoetbal in 1956. De ontwikkeling die de sporttak doormaakt, gaat de laatste jaren erg hard. Toch moet er volgens de beide oud-profs nog veel veranderen.
De 56-jarige De Boer verwacht wel dat de extra stappen nog gezet gaan worden. "Over vijftien jaar. Nu nog niet", zo stelt hij, voordat hij de vergelijking trek met andere vrouwensporten. "Kijk, als je de honderd meter sprint bij de vrouwen ziet of je ziet Jutta Leerdam schaatsen, we schaatsen al zo lang, het voetballen gaat evolueren. Over vijftien jaar zul je dat soort sportatleten zien bij het voetbal, bij de dames ook. Het heeft even de tijd nodig. Op dit moment is het niet goed genoeg."
Het grootste verschil
De Boer ziet het vrouwenvoetbal nog niet echt als absolute topsport. "Voor hen wel, maar niet op het niveau waar ik denk dat ze over vijftien jaar zijn. Dan zal je denken van: waar hebben we naar gekeken." Toch is Van der Vaart vooral van mening dat het geen zin heeft om mannen- en vrouwenvoetbal te vergelijken. "Het is gewoon een andere sport."
Het grootste verschil ziet de voormalig middenvelder bij de keepers. "Je ziet heel vaak een 8-0, 9-1, noem maar op. Dus dat is een beetje anders", legt Van der Vaart uit, voordat hij met een stevige uithaal komt. "De keepers die kunnen er echt geen reet van dat meen ik serieus. Dat is het grootste verschil met mannenvoetbal. Als je op doel schiet, is het bijna altijd een goal. Ze kunnen niet springen. Het wordt al beter, maar als je een bal een beetje hoog schiet. Als je het gewoon niet vergelijkt met mannenvoetbal kan je er prima naar kijken", besluit hij.
)