Jillert Anema maakt zich al jaren zorgen over de ontwikkeling van de Nederlandse schaatsers. In zijn ogen blijven de mannen ver achter op het internationale niveau en gebeurt er maar niks om die daling om te keren. Anema, coach van Team Royal A-ware maakt zich er flink druk over en oppert harde maatregelen.
De markante coach van 71 jaar oud stelt dat hij de KNSB zes jaar geleden al heeft gewaarschuwd dat het niveau van het 'herenschaatsen', zoals hij het zelf noemt, tekortkomt in Nederland. "Schaatsen is maakbaar, maar we doen het niet. Er is te weinig denkvermogen in het schaatsen. Een coach word je niet meer op basis van dat je goed bent, maar op basis van andere eigenschappen. Ik vind niet dat de ontwikkelingsgraad van de coaches in Nederland hoog genoeg is om te zorgen dat er bij de schaatsers uitkomt wat er in zit. We hebben zoveel potentie", is Anema keihard in de podcast Ben Schaatsen met ex-topschaatser Ben van der Burg.
Hij noemt zijn team (Royal A-ware) het enige topteam dat net zoveel mannelijke als vrouwelijke schaatsers onder contract heeft. Bij de rest bestaat de selectie volgens hem voor tachtig procent uit mannen en 'die presteren geen moer'. Hij richt zich op de begeleiding van junioren en neemt de vijf kilometer als voorbeeldafstand. "Het wereldrecord is daar nu 5.58 en we zijn geld aan het uitgeven aan jongens die 6.17 of 6.25 rijden. Dat zijn geen laatbloeiers, maar sporters die we al jaren begeleiden. Dat wordt nooit wat. Of de begeleiding is al die tijd knudde geweest. Normaal gesproken moeten junioren al 6.10 rijden of daar onder. Dan heb je de kans dat ze er komen."
'Hoe komen we aan zo'n generatie'
Van der Burg vat het probleem volgens Anema én de bijbehorende oplossing krachtig samen. "Dus jij zegt dat we moeten kappen en ermee moeten stoppen met geld steken in jongens die al jaren bezig zijn en maar op de 6.17 of 6.25 rijden?" Dat klopt, is Anema's nuchtere kijk. "Begin daar maar eens mee, kap ermee. Laat die jongens dan maar eens kijken. Misschien zit er nog een laatbloeier zoals Jorrit Bergsma tussen, maar ik verwacht dat niet. Hoe komen we aan zo'n generatie?", vraagt hij zich hardop af. "Het historisch besef is te laag."
Anema neemt als voorbeeld het moment dat hij een piepjonge Sven Kramer begeleidde toen het icoon nog junior was. "Hij had de opdracht van zijn trainer gekregen om 6.45 op de kilometer proberen te rijden, terwijl het wereldrecord toen 6.19 was. Toen zei ik tegen Sven dat het statistisch zo is dat een junior in principe zo'n 12 seconden boven het wereldrecord moet zitten. Dus hij moest 6.31 rijden. Dat reed hij ook. Ik denk dat als ik 6.28 had gezegd, dat hij dat ook had gereden. Sven kreeg die eis van zijn trainer echter niet gesteld."
)