De Olympische Spelen komen in 2030 naar Thialf. Het stadion is aangewezen als locatie voor het langebaanschaatsen. Wat moet er nog allemaal veranderd worden om het stadion en de omgeving klaar te maken voor het evenement? Minne Dolstra, directeur-bestuurder Thialf, legt het uit. “Het moet ook duurzaam zijn.”
Er zijndoor de jaren heen al veel grote schaatstoernooien in Thialf geweest. Toch is er altijd ruimte voor verbetering. “De grootste klap kunnen we maken door een soort staalconstructie, waarmee je de luchtdruk kunt beïnvloeden. Wat in Thialf ontbreekt, is dat we niet op hoogte schaatsen. We liggen slechts een halve meter boven zeeniveau. Calgary en Salt Lake City liggen op 1100-1400 meter hoogte. Op die hoogte heb je minder weerstand. Dat is een belangrijk onderdeel”, vertelt Dolstra in de tweede aflevering van een gloednieuw seizoen van de Sportnieuws.nl Schaatspodcast.
'Dan moeten we opschieten'
Maar hoe kan dit worden bewerkstelligd? “Ik moet soms een praatje houden bij wetenschappers. Daar heb ik ze een keer een vraag gesteld. Ooit stonden er namelijk mensen op aarde naar de maan te kijken en kreeg iemand het idee om daarheen te gaan. Toen zeiden ze waarschijnlijk allemaal: dat gaat nooit gebeuren. Het is toch gelukt. Ik stelde die vraag daar letterlijk, aan wetenschappers uit heel Europa”, zegt Dolstra.
Hij vervolgt: “Een paar weken later kreeg ik een belletje dat ze dachten dat het kon. Een tijdje geleden heb ik een presentatie gehad. Het is te organiseren, maar het kost tachtig miljoen euro. Het ene is de oplossing en het andere is de financiering ervan. Wellicht is er iemand op deze wereld die het mooi vindt om het te doen. Het zou in anderhalf jaar gebouwd kunnen worden. Dan moeten we opschieten. Laten we maar bedenken dat het voor 2030 niet te organiseren is.”
Olympisch dorp in Heerenveen
Er komt ook een olympisch dorp in Heerenveen. “Dat komt aan de achterkant van Thialf. Een aantal gebouwen wordt aangepast en er wordt nieuw gebouwd. Ook daarvoor is de voorwaarde dat het na de Spelen gebruikt wordt”, vervolgt de directeur-bestuurder.
Dolstra probeert te leren van eerdere evenementen. Een goed voorbeeld in Friesland is de Elfstedentocht. “Dan zijn er 16.000 schaatsers en één miljoen bezoekers. Zij hebben elk jaar een operatieplan, mocht het weer georganiseerd worden. Wij kunnen leren van hun structuur. Het is niet alleen hier in Heerenveen. Hotels zitten bij WK’s ook in Groningen vol. We moeten ook vermaak buiten het stadion bieden. De komende tijd gaan we kijken of dat realiseerbaar is. En als het realiseerbaar is, dat het een groot feest wordt.”
'We willen het topje van de ijsberg worden'
Het moet volgens de directeur-bestuurder dan ook niet alleen een evenement van Heerenveen worden. “De voorzitter van de ISU maakte twee opmerkingen. De eerste was dat het vliegveld van Amsterdam te ver weg was om te vliegen. Gelukkig hebben we ook een vliegveld in Groningen. Maar er gaan genoeg mensen via Amsterdam komen, dus daar moet ook iets met fan experience gebeuren.”
Daarnaast moet er ook een paralympische demonstratiesport komen. “Daar heb ik ook op ingezet via mijn familielid Liesette Bruinsma, die vroeger heeft geschaatst en olympisch kampioene zwemmen is. We zijn ook nog bij Tweede Kamerleden geweest die enthousiast zijn. De organisatie van Thialf is heel erg klein: slechts negentien medewerkers. We zoeken dus naar verbindingen, waarbij anderen het ook oppakken. We willen het topje van de ijsberg worden. Er moet ook veel rondom het schaatsen gebeuren", besluit Dolstra.
)