Een slotrit vol klimwerk, en dan besluit één man er meteen vandoor te gaan. Op de eerste helling ging Mathieu van der Poel in de aanval en hij liet zich niet meer pakken, ondanks zes achtervolgers, een peloton vol ploegen en een stortbui die maar niet ophield. Zo'n 175 kilometer later reed hij als eerste over de streep en won hij de slotrit van de Ronde van Luxemburg.
Van der Poel liet er geen gras over groeien en ging er direct vandoor. Zes renners uit de continentale ploegen gingen in de tegenaanval, maar hij bleek niet meer terug te halen. Zijn voorsprong liep op tot meer dan vier minuten. De zes achtervolgers werkten goed samen, maar verloren steeds meer terrein. Ondertussen nam de ploeg van klassementsleider Davide Piganzoli van Visma | Lease a Bike de controle in het peloton over en hield de kloof beperkt.
Zeldzame solo
Bij het opdraaien van de finalelus in Limpertsberg was zijn voorsprong onder de drie minuten gezakt. Mikkel Honoré probeerde het nog vanuit het peloton, maar met een kleine twaalf kilometer te gaan had Van der Poel nog dik twee minuten. Honoré werd nipt tweede, Pepijn Reinderink sprintte naar de derde plaats.
Zo'n solo is bijzonder zeldzaam. Iets vergelijkbaars werd voor het laatst in 2003 gezien, toen de Pool Bartosz Huzarski een etappe in de Vredeskoers won na een solo van 200 kilometer.
Piganzoli stelt eindzege veilig
Terwijl Van der Poel de aandacht opeiste, was de eindzege in Luxemburg al lang en breed in handen van Piganzoli. De Italiaan van Visma nam vrijdag de leiderstrui over en won een dag later de tijdrit. Zondag versnelde hij in de finale nog vanuit het peloton, maar dat was niet meer nodig: hij zette zijn eindzege veilig en heeft in het klassement 52 seconden voorsprong op Mattéo Vercher. Tijmen Graat, de 23-jarige ploegmaat van Piganzoli, werd als zesde de beste Nederlander.
Van der Poel geeft signaal af voor WK
Voor Van der Poel was het een test met het oog op het WK in Montréal, over een week. Hij temperde onlangs de verwachtingen omdat het parcours voor hem net wat te zwaar zou zijn. In Luxemburg won hij woensdag de openingsrit in de sprint, nadat hij eerst een poosje vooruit was gegaan.
In de twee ritten daarna speelde hij geen rol van betekenis. Vrijdag en zaterdag (de tijdrit) liet hij het lopen, waardoor hij niet meestreed om de eindzege. Zondag liet hij zien dat hij zich in Luxemburg juist nog één keer wilde testen, en dat zijn concurrenten hem beter niet kunnen afschrijven.
)