Jochem Uytdehaage (50) gaat in tegen beeld dat van schaatskampioen bestaat: 'Toen had ik er juist geen last van'

Redactie Sportnieuws.nl • 11 september 2026 om 19:06 / Update: 47 minuten geleden
Volg Sportnieuws.nl op Google DiscoverStel Sportnieuws.nl als voorkeursbron in op Google
Jochem Uytdehaage (50) gaat in tegen beeld dat van schaatskampioen bestaat: 'Toen had ik er juist geen last van'
i

Jochem Uytdehaage in 2002 ©NLBeeld

Volg Sportnieuws.nl op Google DiscoverStel Sportnieuws.nl als voorkeursbron in op Google
Redactie Sportnieuws.nl • 11 september 2026 om 19:06 / Update: 47 minuten geleden

Bij veel sporters blijft er één bepaald moment hangen in het collectieve geheugen. Zo ook bij voormalig schaatskampioen Jochem Uytdehaage (50), die in 2002 tweemaal goud won bij de Olympische Winterspelen in Salt Lake City. Op zijn socials gaat hij dieper in op het beeld van hem dat is blijven hangen.

De doorbraak van de in Utrecht geboren Uytdehaage liet relatief lang op zich wachten. Pas in het seizoen 2000-2001 deed hij als 24-jarige mee aan de grootste internationale toernooien. Het jaar daarop volgde een explosie van gouden successen. Ook de jaren na 2002 vierde hij successen, maar na het gewonnen EK allround van 2005 werd het snel minder en in 2007 zette hij er een punt achter.

Slijm

Tien jaar later verscheen er nog een interview met de ex-topper op Schaatsen.nl. Daarin werd hij met deze ene zin getypeerd: "Bekend om: compact rijden en 'slijm aan zijn smoel'". Want dijkwijls vormde zich een baard van slijm op zijn gezicht.

Op LinkedIn schrijft hij: "Die slijmslierten op mijn kin en de winterspelen van 2002; daar hoor ik mensen het vaakst over als ze me aanspreken. Dat is wat hun het meeste is bijgebleven. Het grappige is dat ik er juist in Salt Lake City geen last van had."

"Toen ik klaar was met mijn vijf kilometer, stond coach Ab Krook zoals altijd op de kruising klaar met een handdoekje. Dat was zijn idee geweest. Vaak begon ik in de loop van een race slijm te produceren."

De Zamboni

Hij herinnert zich dat zijn bijnaam 'de Zamboni' was, een knipoog naar het merk van de machines die het ijs schaven en bijwerken. "Al dat slijm zag er niet uit. Ab vond op een gegeven moment dat er iets aan gedaan moest worden en kwam op een dag met het befaamde handdoekje aanzetten", schrijft Uytdehage.

Maar wat was nou de oorzaak van het soms ietwat onsmakelijke tafereel? Dat legt hij uit: "Pas veel later kwam ik erachter hoe dat zat. Het had te maken met controle over mijn ademhaling. Ons autonome zenuwstelsel bestaat uit twee delen: de orthosympaticus en de parasympaticus. De orthosympaticus zorgt ervoor dat lichamelijke inspanning mogelijk is, de parasympaticus zorgt juist voor lichamelijke rust."

Ademhaling

Als hij een rit in stevig tempo begon, moest hij sneller ademhalen, wat juist de productie van slijmslierten opkrikte. Hij schrijft: "Vloog ik erin en schoot ik door dan had dat invloed op mijn systeem. Vandaar dat ik mijn vijf kilometers anders aan ging pakken. Na een snelle opening en een ronde doorrammen nam ik na 600 meter even gas terugnam om in de volgende ronde op adem te komen."