Achter erkende topwielrensters Lorena Wiebes en Charlotte Kool eindigde Sandrine Tas zaterdag verrassend als derde tijdens de Omloop der Kempen in Veldhoven. De Belgische zit pas een maand in het wielerpeloton sinds ze na de Olympische Winterspelen in Milaan stopte en overstapte van het ijs naar de weg. De 30-jarige Tas verbaast zichzelf met haar resultaat.
Tas was niet de enige met een schaatshart in de top-vijf van de wielerkoers. De nummer drie na de massasprint zag in Antoinette Rijpma-de Jong nog een ex-collega goed meekunnen met de profs. Maar waar de Nederlandse olympisch kampioene op de 1500 meter een uitstapje maakt, is het voor Tas haar nieuwe werk. Ze rijdt sinds een maand voor de wielerploeg Lotto-Intermarché en maakt al snel stappen. "Ik wist dat dit erin zat, maar dat het er zo snel zou uitkomen, had ik niet verwacht", kijkt ze terug op haar derde plek.
"Ik weet dat ik de wattages kan trappen om mee te doen in een massasprint”, vertelt ze in een reactie op de website van haar ploeg. “Maar je moet wel voorin geraken, je moet vertrouwen op je ploeg en je moet het ook kunnen afmaken. Vandaag kwam alles samen. Derde worden, en dan nog naast dié twee namen… Ik ben echt héél blij.”
Haar succes volgt minder dan een maand na haar debuut. Op 22 april reed ze met de Waalse Pijl haar eerste koers ooit en dat was ook meteen een grote ronde. Met haar eerste podium bij de profs verbaast ze nu al zichzelf én iedereen om haar heen.
'Blij dat ik dat nog niet kwijt ben'
"Vanuit het skeeleren heb ik de ervaring om te weten hoe je zoiets moet afmaken. Natuurlijk heb ik tijdens het fietsen mijn armen niet vrij, dat is anders. Maar ik ben wel getraind om heel snel beslissingen te nemen, ervoor te gaan en niet te veel na te denken. In zo’n finale word ik- net als in het schaatsen en skeeleren- een ander mens. Ik ben blij dat ik dat nog niet kwijt ben.”
Volg Sportnieuws.nl op Google Discover)