De Oranje Leeuwinnen staan komende week voor een enorme uitdaging. De ploeg van Arjan Veurink speelt twee cruciale wedstrijden tegen Frankrijk in de strijd om de eerste plaats in de WK‑kwalificatie. Dat doen ze zonder de kwaliteit van de helft van de normaal verwachte basiself. Veurink spreekt zijn zorgen uit. "Dat is een signaal", stelt de bondscoach.
De afgelopen tijd volgden veel telefoontjes met een negatieve impact voor Oranje. Dominique Janssen, Vivianne Miedema, Jackie Groenen, Daniëlle van de Donk, Jill Roord en Caitlin Dijkstra ontbreken door blessures. "Iedere keer dat de teamarts belde, dacht ik: ik neem niet op. Maar ik heb toch opgenomen. Het is een aderlating voor de groep, want we leveren natuurlijk wel kwaliteit in", zegt Veurink op de persconferentie.
Overbelasting en spierblessures
De grote hoeveelheid blessures opent nieuwe deuren voor speelsters, zoals debutanten Renee van Asten, Liz Rijsbergen en Linde Veefkind. Veurink begint te lachen als hem gevraagd wordt naar gestopte internationals. "Daar heb ik niet aan gedacht", vervolgt de bondscoach, die benadrukt dat hij de geblesseerde speelsters niet zomaar thuis laat. "Wij zitten niet in de fase om speelsters rust te geven. Als ze ook maar één procent kans hadden op speeltijd, dan waren ze hier geweest. Nee, ze zijn niet inzetbaar door overbelasting en spierblessures."
Grote zorgen
De bondscoach, die afgelopen zomer het stokje overnam van Andries Jonker, spreekt wel zijn zorgen uit over de groeiende speeldagenkalender. "Het wordt meer, meer en meer. Veel speelsters hebben nu al meer minuten gemaakt dan in het gehele seizoen ervoor. Heel veel clubs en bonden hebben hun selectie niet breed genoeg, waardoor iedere keer dezelfde speelsters op het veld staan. Veel speelsters hebben acht wedstrijden gespeeld in dertig dagen, dat gaat een keer de verkeerde kant op. Deze blessures zijn een signaal."
Evaluatie bij UEFA
Veurink vindt het nodig dat er een grondige evaluatie plaats gaat vinden bij de UEFA, ondanks dat er vorig jaar een plan voor de komende vier jaar is gemaakt. "Wij (bonds- en clubcoaches, red.) zijn ervoor het welzijn van de speelsters en op basis daarvan moeten de beste keuzes gemaakt worden. Het is niet dat wij niet gehoord worden, maar het kan zeker meer", gaat Veurink verder.
"Het werkt niet zo dat alleen het voetbaltechnisch gedeelte leidend is, maar het is wel zo dat wij als trainers in de praktijk werken. Wij weten hoe de sport zich ontwikkeld. Ik vind dat de UEFA daar wel naar moet luisteren. Ik hoop dat er de komende jaren een goede evaluatie plaatsvindt", luidt het advies van Veurink.
,fit(480:))