Schaatsers proberen Thialf te redden van ondergang: ‘Zo dringend is het echt’

26 oktober 2021

ANP

Een groep succesvolle (ex-)topschaatsers heeft maandag een noodoproep aan Den Haag gestuurd om ijsstadion Thialf van de ondergang te redden. De brief, in handen van De Telegraaf, is onder anderen ondertekend door Sven Kramer, Ireen Wüst, Rintje Ritsma en Mark Tuitert. Volgens de schaatsers is er dringend geld nodig, anders dreigt het belangrijkste schaatsstadion van Nederland zijn deuren te moeten sluiten.


"Het is 5 voor 12", bevestigt Douwe de Vries, de voorzitter van de atletenvereniging van schaatsbond KNSB aan de krant. "Als er geen actie wordt ondernomen, is het reëel dat onze topschaatsers straks niet meer in Thialf kunnen trainen. Zo dringend is het echt."

Elk jaar weer gered
Het olympisch seizoen gaat over 3 dagen van start met de NK Afstanden in het stadion, maar in financieel opzicht gaat het al lang slecht met Thialf. De schaatsers worden vooralsnog ieder jaar uit de brand geholpen door de provincie Friesland, gemeente Heerenveen, sportkoepel NOC*NSF en de KNSB. Vooral de eerste partij geeft altijd flink wat geld om de financiële gaten te dichten, waardoor het schaatsstadion geopend kan blijven.

Hoge energierekening
Twee jaar geleden kwam het ijsstadion op een begroting van 3,6 miljoen euro 700.000 euro tekort, 20 procent van de totale begroting. Volgens directeur Marc Winters van Thialf lag de oorzaak bij een te hoge energierekening, maar die prijzen zullen de komende jaren alleen maar verder stijgen.

'Ondenkbaar'
Eén van de oud-schaatsers die zich grote zorgen maakt over de toekomst van de ijshal is oud-kampioen Rintje Ritsma. "Het kan niet zo zijn dat onze schaatsers straks door financiële problemen geen accommodatie meer hebben, terwijl zij zoveel voor het land betekenen. Thialf staat op de kaart als hét schaatsstadion van de wereld en Nederland is een enorm schaatsland. Het is niet uit te leggen en het zou ondenkbaar zijn dat zo’n iconisch stadion haar deuren zou moeten sluiten’’, aldus de Fries in de Telegraaf.